Aandeelhouder 2.0

Ik heb steeds meer moeite met de rol van de aandeelhouder. Als financieel eigenaar van een organisatie staan zijn belangen boven alles. Op menig strategie-slide komt als eerste punt het creëren van aandeelhouderswaarde terug. Dat lijkt logisch, ware het niet dat door de hebzucht die mensen eigen is, de korte termijn vaak prevaleert boven de lange termijn. Daar loopt het systeem nu helemaal op vast.

De aandeelhouder is van origine een Nederlandse uitvinding. Rond 1600 konden mensen voor het eerst aandelen kopen; in dit geval aandelen in de Verenigde Oostindische Compagnie. Zo ontstond de Amsterdamse Beurs, de eerste effectenbeurs ter wereld. Dat was met name een financiële aangelegenheid. De schepen vertrokken om lading te zoeken, en totdat ze terug kwamen was de kapitein de baas. Er was geen enkele bemoeienis van buitenaf mogelijk. De aandeelhouders kregen een deel van de opbrengst en iedereen was gelukkig.

Momenteel is die situatie helemaal scheef getrokken. De druk op de bestuurders om te voldoen aan de korte termijn belangen van de aandeelhouders neemt ongezonde proporties aan. De CEO is vervolgens meer bezig met het voldoen aan die verwachtingen dan met het runnen van een gezond bedrijf. Zeker als zijn persoonlijke bonus ook nog eens gekoppeld is aan de belangen van de aandeelhouders. Daarbij wordt het manipuleren van de cijfers niet geschuwd, getuige de affaires rondom bijvoorbeeld  Enron en Albert Heijn. Aan creatief boekhouden wordt in alle organisaties veel tijd gespendeerd, gelukkig vaak binnen de grenzen van de wet. Het draagt echter niets bij aan het welzijn van de organisaties en leidt alleen maar af.

In goede tijden lopen de belangen van de aandeelhouder en de organisatie niet zover uiteen. Het wordt pas problematisch in deze tijden van crisis. Door druk van de aandeelhouders worden maatregelen genomen om de winstgevendheid op korte termijn te verhogen. Dat daarmee de continuïteit van de organisatie op lange termijn op het spel wordt gezet is van geen belang. Dan hebben zij hun geld er al weer uitgehaald en is het aan de volgende aandeelhouders om hun winsten eruit te halen.

Dat geldt overigens niet alleen voor “externe” aandeelhouders. Ik heb de afgelopen jaren ook een tweetal gevallen meegemaakt waarbij de oprichter van een organisatie bewust het voortbestaan van de organisatie op het spel zette ten behoeven van eigen gewin. In één geval heeft dat ook tot een faillissement geleid. Dat zijn voor mij wel de voorbeelden waarmee aangetoond wordt dat het huidige systeem door en door rot is, en dringend aan vervanging toe is.

Hoe het dan wel moet is lastiger te beantwoorden. Ik stel mij in ieder geval voor dat wij stoppen met deze vorm van handel in aandelen en overgaan op een soort tussenmodel van aandelen en obligaties. De aandeelhouder gaat terug naar een rol van financier en bemoeit zich niet met de bedrijfsvoering. Zij zouden ter compensatie een vast percentage van de omzet moeten krijgen, waardoor het risico gehalte van de investering vermindert.

Tevens zouden de aandeelhouders geen zeggenschap meer moeten krijgen over de besturing, en met name de bestuurders van een organisatie. Hiermee wordt de druk op de bestuurders om aandeelhouderswaarde op de eerste plaats te zetten weggehaald en kunnen zij zich weer focussen op hun werkelijk taak; het creëren van toegevoegde waarde voor de opdrachtgevers. 

Maar als de aandeelhouders de bestuurders niet benoemen wie doet dat dan wel? En wie grijpt er dan in als het niet goed gaat? Dat zouden in mijn ogen de echte belanghebbenden van een goed functionerende organisatie moeten zijn. Mensen die met hart en ziel betrokken zijn en wiens toekomst ervan afhangt. Dat de medewerkers uiteindelijk de managers zullen benoemen zou een echte verandering zijn. Dit klinkt wellicht utopisch, maar democratie is toch geen vreemd begrip?

Copyright © 8 augustus 2008 - februari 2012 - Alle rechten voorbehouden