Vorige week schreef ik over de ondergang van ondernemerschap. Deze week gaat het juist over de hoop die ik voor ondernemerschap heb. Die hoop komt verassend genoeg uit de hoek van Het Nieuwe Werken, een hype waar ik zo vaak mijn bedenkingen bij heb geuit, maar desondanks veel van verwacht.

Het Nieuwe Werken zou wel eens de redding van het ondernemerschap kunnen te zijn. Dan doel ik niet op allerlei zaken die onder dit fenomeen geschoven worden, zoals locatie onafhankelijk werken en flexwerken, maar de redding moet komen uit het meest lastig te veranderen aspect van Het Nieuwe Werken; te weten de mentale omslag.
Het Nieuwe Werken vraagt om een mentale omslag richting vertrouwen. Mensen sturen op output en niet op wanneer en hoe ze tot resultaat komen. Mensen ruimte en verantwoordelijkheid geven en erop vertrouwen dat ze voldoende vakbekwaam zijn om het werk uit te voeren. Mensen coachen als ze daar behoefte aan hebben en erop vertrouwen dat ze daar op het juiste moment om vragen. Voor managers wordt het de kunst om mensen los te laten. Ze de kans te geven fouten te maken en ervan te leren.
Voor veel organisaties blijkt in de praktijk dit aspect hardnekkig weerstand aan verandering te bieden. Het valt ook niet mee om de omslag te maken voor managers van sturing en controle naar coaching en loslaten. Deze stijl lijkt veel op het opvoeden van kinderen, maar waarom is het voor managers dan zo lastig op te pakken? In mijn ogen komt dat omdat zij zelf niet vertrouwd worden.
Waar kan een manager nu zelf nog over beslissen. Overal moet toestemming voor gevraagd worden, formulieren ingevuld worden en procedures worden doorlopen. Aanvragen worden vervolgens door de betreffende stafafdeling netjes ingepland en te zijner tijd opgepakt, meestal wanneer de mogelijkheid al weer voorbij is. Managers voelen zelf geen vertrouwen, krijgen niet de ruimte om zelfstandig te werken en worden vanuit stafafdelingen in een keurslijf gegoten. Alles wat ze doen en hoe ze het doen wordt vanuit verschillende oogpunten in de gaten gehouden. Het is dan toch ook niet vreemd dat ze moeite hebben om de eigen medewerkers wel het vertrouwen en de ruimte te geven?
Ik geloof dan ook stellig in de stelling dat “het succes van Het Nieuwe Werken omgekeerd evenredig is met de omvang en macht van stafafdelingen”. Met machtige stafdelingen kun je prima gaan flexwerken, maar nooit de echte omslag naar vertrouwen maken. Als organisaties Het Nieuwe Werken serieus nemen zullen deze organen afgebouwd en bij voorkeur buiten de organisatie gezet moeten worden. Het leuke is ook dat Het Nieuwe Werken veelal juist wordt ingezet door deze stafafdelingen met de meest machtige voorop, te weten de HR-afdeling. Kijk, dat is een mooie vorm van gerechtigheid.
